zaterdag 9 januari 2016

Zo komen we niet verder II. Nogmaals Duitse Daders

Zoals uit de vorige twee berichten mag blijken, vervult Frits Botermans' recent verschenen Duitse Daders mij met enige frustratie. Dat is niet alleen omdat hij het met mij oneens is (hoe betreurenswaardig dat ook is), maar vooral omdat onduidelijk blijft waarom hij het met me oneens is. Terwijl een boek als het zijne - een overzicht van de wetenschappelijke stand van zaken - bij uitstek de plek is om het debat samen te vatten, te analyseren en verder te brengen, gaat Boterman dat debat vooral uit de weg. Net als veel andere participanten in deze discussie poneert hij wel, maar argumenteert hij niet. Laat me daar nog een, zeer concreet, voorbeeld van geven.

Op pagina 387 schrijft Boterman dat in de loop van 1943 en 1944 'de bevestiging van de berichten over de massamoord' 'steeds sterker' werd, om vervolgens een artikel aan te halen uit Het Parool van 27 september 1943. Daarin 'stond te lezen dat er systematisch grote aantallen joden om het leven werden gebracht', schrijft Boterman, alsmede een vrij accurate beschrijving van de gaskamers.

Nu is dat een beroemd artikel dat al vaak is aangehaald als de definitieve onthulling van de Holocaust. In mijn boek leg ik omstandig uit waarom dat een ietwat ahistorische interpretatie is [247-248]. Wie het artikel zelf leest ziet al snel dat het niet gaat over het lot van gedeporteerde joden, maar over het lot van concentratiekampgevangenen. In de perceptie van de tijdgenoten is dat een hoogst relevant onderscheid. Wat betreft het lot van de Joden ging men er grofweg van uit dat er drie soorten kampen waren: concentratiekampen voor de strafgevallen, zoals opgepakte onderduikers; werk- of interneringskampen voor de grote massa van de reguliere gedeporteerden, en 'goede' kampen voor een minderheid van geprivilegieerden.

De grote vraag was niet hoe het er in concentratiekampen aan toe ging; al sinds de jaren dertig deden vreselijke  verhalen over Dachau de ronde en sinds 1941 wist iedereen in Nederland dat concentratiekamp Mauthausen een zekere dood betekende. De grote vraag was hoe slecht die werk- of interneringskampen waren waar de grote massa heen ging. Maar over die vraag zegt dat Parool-artikel niets; het gaat namelijk niet over gedeporteerde Joden, maar over 'gevangen tegenstanders en vijanden', 'Russen, Polen, Joden, Tsjechen, Yougoslaviers en anderen'. Die worden volgens het artikel op allerlei manieren geterroriseerd, gemarteld en gedood, onder andere in gaskamers, die volgens het artikel in alle concentratiekampen zijn gebouwd. 'In het kamp te Auschwitz zijn op deze wijze vele tienduizenden Polen, Joden en Russen gedood.' Maar sinds enkele maanden is de behandeling beter: 'Men is namelijk begonnen de kampbevolking zoo veel mogelijk aan de productieven arbeid ten behoeve van de Duitsche oorlogsvoering te zetten.’

Hoe verleidelijk het ook is om een artikel dat Joden, Auschwitz en gaskamers noemt, te interpreteren als een beschrijving van de Holocaust, dat is het niet. 'De boodschap', zo schrijf ik op p. 248, 'was dat wie in een concentratiekamp terechtkwam, een strafkamp dus, nog niet jarig was - al was de behandeling sinds kort beter. Het artikel suggereerde op geen enkele manier dat de reguliere Jodentransporten daar terechtkwamen, laat staan in de gaskamer.'

Boterman deelt die opvatting blijkbaar niet, maar vindt het niet nodig daarvoor redenen aan te voeren. In de bijbehorende voetnoot nr. 1561 staat:

Bart van der Boom komt in zijn boek tot een eigenaardige conclusie ten aanzien van dit artikel, het zou slechts over een concentratiekamp, maar niet primair over vergassing gaan. Die conclusie past in de tendens van zijn gehele boek de berichtgeving over de moord op de joden te bagatelliseren en zijn onwetendheidsthese ('niemand wist er het fijne van') hiermee te onderbouwen.
Zo komen we dus niet verder.
 

1 opmerking:

elisab palla zei

Zeker is dat al voor de oorlog bekend was dat er gaskamers waren, dat al voor de oorlog bekend was dat de EU joden vernietigd zouden worden. De vraag is niet wij weten niets van hun lot maar de nldse regering heeft gefaald, zij waren bekend met de feiten, de joodsche raad heeft gefaald zij moeten geweten hebben....