Historicus Joris
Verheyen schreef begin april op zijn blog over mijn boek, dat hem achterlaat met
‘een dubbel gevoel’, om niet te zeggen ‘grote twijfels… over de getrokken
conclusies, de gevolgde methode en het bronnengebruik’. In helder proza
zet hij uiteen dat ik een oude mythe vervang door een nieuwe, ‘die al even
moralistisch is’. Hoe komt hij daarbij?
maandag 12 mei 2014
‘Mijn oogen zagen jou
ergens ver, aan een rivier van Babylon de slavenketen dragen.’ Sandor van
Leeuwen over Pressers gedichten
In het Reformatorisch
Dagblad van afgelopen vrijdag schrijft journalist (en oud-student) Sandor
van Leeuwen een interessant stuk over de gedichten die Jacques Presser tijdens
de Bezetting schreef over zijn weggevoerde vrouw Dé Appel. Wat stelde hij zich
voor bij haar lot?
donderdag 1 mei 2014
'Desondanks roept deze man weerstand op bij mij'.
Reacties op de Universiteit van Nederland.
Vorige week gingen de colleges online die ik gaf voor de Universiteit van Nederland - een prachtinstituut overigens. Het derde en vijfde van die colleges behandelen in zeer kort bestek de belangrijkste conclusies van mijn boek. Via het enigszins beschamende proces waarvoor de term autogoogelen is bedacht, vond ik enkele reacties die het memoreren waard zijn; niet omdat ze zo doordacht zijn, maar juist omdat ze zo ondoordacht zijn, zo intuïtief.
Reacties op de Universiteit van Nederland.
Vorige week gingen de colleges online die ik gaf voor de Universiteit van Nederland - een prachtinstituut overigens. Het derde en vijfde van die colleges behandelen in zeer kort bestek de belangrijkste conclusies van mijn boek. Via het enigszins beschamende proces waarvoor de term autogoogelen is bedacht, vond ik enkele reacties die het memoreren waard zijn; niet omdat ze zo doordacht zijn, maar juist omdat ze zo ondoordacht zijn, zo intuïtief.
vrijdag 18 april 2014
Een verhelderende discussie. Nog één maal Jaap Cohen
Jaap Cohen is een jonge historicus verbonden aan het NIOD die in april 2013 een tegelijkertijd redelijk en kritisch stuk over mijn boek schreef in nrc.next. Ook hem heb ik gevraagd nog eens te reflecteren op commentaar mijnerzijds. Anders dan Gans en Ensel of Baggerman en Dekker (die simpelweg weigeren hun kritiek te onderbouwen, hoe vriendelijk ik het ook vraag) en anders ook dan Guus Meershoek, die, vind ik, om de hete brei heendraait, gaf Cohen uitgebreid antwoord op mijn vragen. Dat leverde een verhelderende uitwisseling van argumenten op en een beter begrip van de kwestie die ons beiden interesseert. Het stelt me gerust dat rationeel discussiëren over dit onderwerp toch mogelijk blijkt.
Jaap Cohen is een jonge historicus verbonden aan het NIOD die in april 2013 een tegelijkertijd redelijk en kritisch stuk over mijn boek schreef in nrc.next. Ook hem heb ik gevraagd nog eens te reflecteren op commentaar mijnerzijds. Anders dan Gans en Ensel of Baggerman en Dekker (die simpelweg weigeren hun kritiek te onderbouwen, hoe vriendelijk ik het ook vraag) en anders ook dan Guus Meershoek, die, vind ik, om de hete brei heendraait, gaf Cohen uitgebreid antwoord op mijn vragen. Dat leverde een verhelderende uitwisseling van argumenten op en een beter begrip van de kwestie die ons beiden interesseert. Het stelt me gerust dat rationeel discussiëren over dit onderwerp toch mogelijk blijkt.
zondag 13 april 2014
Blijvend onbegrip. Nog één maal Guus
Meershoek
Eind
januari vorig jaar schreef mijn gewaardeerde collega Guus Meershoek een lang artikel
in de Groene Amsterdammer over mijn boek. Ik vond dat een verwarrend stuk,
omdat het enerzijds de vorm en toon heeft van een genadeloze weerlegging, maar anderzijds op de concrete argumentatie van het boek nauwelijks
ingaat. Naar mijn idee praatte het, net als het kort tevoren gepubliceerde eerste
stuk van Gans en Ensel, vooral langs het boek heen.
donderdag 27 maart 2014
zondag 2 februari 2014
maandag 13 januari 2014
'In zekere zin is het voor u onprettig dat er nog Joden zijn die het kunnen navertellen'.
Nog één maal Arnold Heertje.
Eind 2012 schreef ik over de schimpscheuten
die prof. Arnold Heertje op mij afvuurde, met als dieptepunt zijn vraag wat
mijn grootouders tijdens de oorlog deden. Dat feit memoreerde ik afgelopen
zomer in het interview in NRC/Handelsblad, inclusief de mededeling dat mijn grootouders voor zover ik weet brave lieden waren. Daarop hernam Heertje zijn tirade en stuurde mij in
augustus de volgende e-mail, die ik voorzien van het cursieve commentaar
terugstuurde:
Nog één maal Arnold Heertje.
zondag 15 december 2013
'Zo hangt onzorgvuldig taalgebruik inderdaad samen met onzorgvuldig denken'.
Nog meer kritiek van Gans en Ensel.
In het Tijdschrift voor Geschiedenis van dit kwartaal staat mijn repliek op een in het vorige nummer gepubliceerd artikel van de hand van Evelien Gans en Remco Ensel. Dat is het vierde stuk dat Gans en Ensel aan mijn boek hebben gewijd. Het is in zoverre een verademing dat de insinuerende ondertoon van de vorige stukken afwezig is (al hebben we dat misschien aan de redactie te danken). Verder is het even potsierlijk als de vorige drie.
Nog meer kritiek van Gans en Ensel.
In het Tijdschrift voor Geschiedenis van dit kwartaal staat mijn repliek op een in het vorige nummer gepubliceerd artikel van de hand van Evelien Gans en Remco Ensel. Dat is het vierde stuk dat Gans en Ensel aan mijn boek hebben gewijd. Het is in zoverre een verademing dat de insinuerende ondertoon van de vorige stukken afwezig is (al hebben we dat misschien aan de redactie te danken). Verder is het even potsierlijk als de vorige drie.
Abonneren op:
Posts (Atom)